Wetsvoorstel kentekening landbouwvoertuigen lijkt iets dichterbij

Het ziet er naar uit dat dinsdag 28 januari een meerderheid in de Tweede Kamer in gaat stemmen met het wetsvoorstel registratie en kentekening landbouwvoertuigen. Ook Hero Dijkema, beleidsmedewerker verkeer bij Cumela, heeft een heel goed gevoel over de stemming. Daarna moet de wet nog langs de Eerste Kamer, waarmee de geschatte eindtijd volgens I&W minister Van Nieuwenhuizen in het voorjaar van 2021 zal liggen.   

De belangrijkste reden dat de diverse politici positief zijn over de wet is de positieve bijdrage die het kan leveren aan de verkeersveiligheid. Zo gaf VVD-er Remco Dijkstra toe dat het hogere kosten meebrengt, maar dat er ook voordelen zijn. "Het heeft veel voordelen: een hogere toegestane snelheid en toegang tot de rondwegen. Het moet de verkeersveiligheid verbeteren." Dat de VVD de vorige keer tegenstemde, maar nu wel voor is wordt door Dijkstra onderbouwd met de woorden: "Er is behoorlijk wat veranderd."

Zorgen over kosten
De andere grote partij CDA, was minder uitgesproken en maakte zich vooral sterk voor de boerenbelangen. Zo bleek uit de woorden van Maurits von Martels dat ze vooral wil voorkomen dat de kosten voor de boeren verder oplopen. Van Nieuwenhuizen stelde ze daarop gerust. "Eigenaren kunnen de registratie van voertuigen straks zelf digitaal doen. Er is geen schouw nodig. De kosten voor de registratie inclusief registratie komen uit rond de dertig euro." Er hoeft dan alleen maar een kentekenplaat op de achterkant van de trekker gemonteerd te worden. Een APK voor een snelrijdende trekker schat ze in op 107 euro bij de RDW." Maar je ziet vaak dat bedrijven het voor andere bedragen kunnen doen, waardoor de kosten lager uitkomen."

Of dit voldoende is om het CDA voor te laten stemmen is niet duidelijk, maar zelfs zonder goedkeuring van deze partij blijft er een meerderheid te zijn voor het wetsvoorstel. Dat voorstel moet vervolgens nog wel door de Eerste Kamer goedgekeurd worden. Rekening houdend met het vervolgtraject schat Van Nieuwenhuizen in dat het eindpunt in het voorjaar van 2021 zal liggen. Bijna een jaar later dan begin 2019 aangekondigd werd.    

Alternatieve routes
Dijkema is niet blij met de vertraging die opgelopen is in de behandeling van het wetsvoorstel, maar wel hoopvol dat er nu weer beweging komt in de invoering van het wetsvoorstel. "Ik heb een goed gevoel over de stemming", zegt Dijkema. "Wordt er voorgestemd dan komen we weer een stap dichterbij het veiliger maken van dorpskernen. (Land)bouwverkeer moet zich voor de werkzaamheden kunnen verplaatsen over de weg, maar zolang ze niet harder mogen rijden dan 25 km/u zijn we aangewezen op routes door dorpen. Pas wanneer de snelheid omhoog kan kunnen we met wegbeheerders aan de slag om alternatieve routes vast te stellen."

Dijkema komt ook met de geruststelling dat er straks geen grote trekkers met hoge snelheden door kleine weggetjes gereden komen. "“Er ligt al een CROW-advies van wegbeheerders waarbij snelheid binnen de bebouwde kom, op wegen zonder vrijliggende fietspaden, 25 km/u blijft.”