Verlaging zelfstandigenaftrek raakt verkeerde bedrijven

De voorgenomen verlaging van de zelfstandigenaftrek die het kabinet op Prinsjesdag wil presenteren raakt de verkeerde bedrijven, stelt bedrijfseconomisch adviseur Andre de Swart van CUMELA Nederland. “Dit raakt juist de bedrijven waar de winst niet tegen de plinten klotst.”

 

  • DSC03466 (Klein).jpg

    De voorgestelde verlaging van de zelfstandigenaftrek raakt vooral de kleine en middelgrote bedrijven waar de winsten over het algemeen beperkt zijn.

De zelfstandigenaftrek wordt vanaf volgend jaar verlaagd naar 5000 euro, ruim 2000 euro minder dan nu het geval is. De coalitiepartijen zijn het vorige week over deze maatregel eens geworden bij het opstellen van de begroting voor 2020 die op Prinsjesdag wordt gepresenteerd.

Over het beperken van de aftrek waren in het regeerakkoord al afspraken gemaakt, maar dit gaat verder: nu wordt dus ook het maximaal af te trekken bedrag verlaagd en het belastingvoordeel gaat sneller naar beneden.

Met deze beperking van belastingaftrek voor zelfstandigen (in 2019 maximaal 7.280 euro) wordt een deel van de lastenverlichting (ongeveer 3 miljard euro) voor burgers betaald. Die lastenverlichting wordt ook voor een belangrijk deel gefinancierd door de verlaging van de winstbelasting voor het bedrijfsleven te verminderen. Daardoor worden de kleine en middelgrote bedrijven twee keer geraakt stelt De Swart. “Zowel door het uitstellen van de verlaging als het aanpassen van de zelfstandigenaftrek is het resultaat dat zij meer belasting betalen.”

Cumela is het eens met de wens om de lasten voor burgers met een middeninkomens te verlagen, vooral omdat veel werknemers daar ook van profiteren, maar is niet te spreken over de manier waarop. De Swart; “Met deze voorstellen worden juist de kleine en middelgrote bedrijven geraakt. Dit zijn de bedrijven waar de winst niet tegen de plinten klotst.”