Onderzaai in maïs mislukt?

Bij een mislukte onderzaai in maïs moet er voor of na 1 oktober, na de oogst van maïs, alsnog een vanggewas ingezaaid worden. Daarbij mag ook de keus gemaakt worden uit gras, zo valt op te maken uit het antwoord van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) op de vraag hoe iemand met een mislukte onderzaai bewijst dat dit gebeurd is. CUMELA Nederland geeft aan dat dit laat zien dat harde kalenderlandbouw niet werkt.  

 

 

De RVO heeft donderdag 19 september bekend gemaakt wat een veehouder kan doen bij een mislukte onderzaai. Uit de tekst van RVO blijkt dat alleen het zaaien van een vanggewas niet voldoet. RVO: "Er moet ook resultaat zijn. Zodat er uiteindelijk een gewas staat dat de bodem bedekt (resultaatverplichting). U laat ook zien dat u op het goede moment en op de goede manier genoeg zaad heeft gezaaid (inspanningsverplichting)."

Mislukte onderzaai

De dienst geeft aan dat in 2019 veel bedrijven kozen voor onderzaai om de maïs na 1 oktober te kunnen oogsten. "Door droogte en hoge temperaturen is het vanggewas op veel plekken niet opgekomen of verdroogd na het opkomen. Omdat er uiteindelijk wel een vanggewas moet staan zijn er twee mogelijkheden om toch een vanggewas te zaaien. Hier geeft RVO aan dat dit kan door na de oogst voor 1 oktober direct een vanggewas te zaaien. "Als maar een deel van de onderzaai is mislukt, kunt u dat deel van het perceel inzaaien. Omdat u het vanggewas voor 1 oktober zaait, voldoet u aan de regels."

De tweede mogelijkheid is om als de maïs na 1 oktber geoogst is direct na de oogst een vanggewas te zaaien. "Is maar een deel van de onderzaai mislukt? U kunt dat deel van het perceel opnieuw inzaaien. Bij controle kunt u laten zien dat u onderzaai heeft gedaan en dat er normaal gesproken een vanggewas zou staan. U laat bijvoorbeeld zien wat, wanneer en hoe u gezaaid heeft."Voor de keus van een vanggewas mag gekeken worden in de lijst voor na 1 oktober.

Geen kalenderlandbouw

"Het is goed dat er nu duidelijkheid is over hoe te handelen", zegt Maurice Steinbusch, beleidsmedewerker agrarisch loonwerk bij CUMELA Nederland. "Het verloop van dit groeiseizoen laat echter ook weer zien dat de huidige regelgeving, het voorschrijven van een harde kalenderdatum van 1 oktober, geen rekening houdt met de wisselende groeiomstandigheden tussen jaren. De secties Agrarisch loonwerk en meststoffendistributie zijn er in het algemeen géén voorstander van gewassen en geslaagde groenbemesters op kalenderdata te plannen. Bij de teelt moet steeds rekening gehouden worden met de omstandigheden qua weer, bodemgesteldheid, beschikbaarheid van mensen en van materieel." Daarom zegt Steinbusch dat hij en andere betrokkenen dit onder de aandacht blijven brengen van beleidsmakers.