Mestverwerkingscapaciteit in balans

Een dalende mestproductie in combinatie met een groeiende mestverwerking levert over 2018 een markt op die behoorlijk in balans is, ondanks de exportdaling op Duitsland. Dit blijkt uit het rapport van de landelijke inventarisatie mestverwerkingscapaciteit. Voor 2022 is het beeld vrijwel gelijk. Alleen de verwaarding van 70 procent van alle varkensmest lijkt een onhaalbaar doel. 

De mestmarkt gaat een krimp tegemoet, zoals het er nu uitziet. Daar gaan Hans Verkerk, beleidsmedewerker Meststoffendistributie en Johan Mostert, voorzitter van de sector meststoffendistributie, in Grondig 9 uitgebreid op in. Ook uit de toelichting bij de inventarisatie blijkt dat er rekening wordt gehouden met een krimp. Zo wordt rekening gehouden met een fosfaatoverschot wat gaat dalen van 36,5 miljoen kilogram in 2018 naar 26,5 miljoen kilogram. Wat dan verwerkt of geëxporteerd moet worden. Bij gelijkblijvende gehaltes gaat de het stikstofoverschot door de helft en naar 25 miljoen kilogram. 

Tegenover een lagere productie staat een verwacht fosfaatexport van 48,8 miljoen kilogram. Dit betekent dat de druk op de verwerking alleen maar minder wordt. Tegelijkertijd neemt de interesse voor het in eigen land verwaarden van stikstof en organische stof toe. Dit mede door de visie van LNV over kringlooplandbouw. "Ten eerste is er een ontwikkeling gaande om met behulp van technologie, van dierlijke mest nieuwe mestproducten te maken met een hoge werkingscoëfficiënt met een precieze en voorspelbare werking. De tweede ontwikkeling die in Nederland is ingezet, is die van de bedrijfsspecifieke benadering van mestproductie en mestaanwending." Ontwikkelingen die geen invloed op de export hebben, maar wel voor een differentiatie in de vraag naar bemestingsproducten uit dierlijke mest kunnen zorgen.  

In het rapport wordt uitgesproken dat wanneer de huidige trend in de benutting van mest doorgetrokken wordt de benuttingspercentage in de gebruiksruimte van fosfaat en stikstof verder daalt tot respectievelijk 91 procent en 84 procent. De vraag wat de plannen van LNV hier voor invloed op gaan hebben. 

Een ander punt van aandacht is het streven uit het Actieprogramma Vitale Varkenshouderij om 70 procent van alle varkensmest te gaan verwaarden. Lukt dat dan daalt de benuttingsgraad nog verder, maar dan moet er wel voldoende capaciteit hiervoor beschikbaar komen. Deze is namelijk voldoende om de hoeveelheid te verwerken en te exporteren fosfaat aan te kunnen, maar niks extra. "De capaciteit lijkt niet voldoende om daarbij 70 procent van alle varkensmest te verwerken. Daarbij lijkt er in 2022 onvoldoende hoogwaardige capaciteit te zijn om hoogwaardige meststoffen te produceren."

"De winst van mestverwaarding zit niet in het exporteren van zoveel mogelijk fosfaat. De bijdrage van mestverwaarding is bovenal waarde toevoegen door mestproducten te maken die aansluiten bij de wens van de klant."