Mestketen op weg naar natuurlijk kringloop

De mestsector heeft het afgelopen jaar flinke stappen gezet in de aanpak van de mestfraude. Dat stelt Hans Verkerk van CUMELA Nederland in een reactie op het vervolgartikel dat deze week in NRC verscheen over de mestfraude. “Ten onrechte wekt de krant de indruk dat  er nog weinig is veranderd.”

 

  • DSC02642 (Klein).jpeg

    De mestsector doet er alles aan om mest op de goede plaats te krijgen. Zoals het gebruik van gps om zo nauwkeurig mogelijk te bemesten.

Verkerk vindt dat de feiten anders zijn dan in dit artikel wordt gesuggereerd. “Al voor de artikelen van vorig jaar stond de mestfraude heel duidelijk op het netvlies bij zowel bedrijfsleven als overheid en werden er allerlei maatregelen voorbereid. Al voor de publicatie van het artikel werd overgegaan tot het onafhankelijk laten bemonsteren van vaste mest.”  Hij wijst op analyses van de afvoer van vaste mest voor en na 1 oktober 2017 waaruit blijkt dat de invoering van de onafhankelijke monstername een duidelijk effect heeft op de gemiddelde gehaltes en ook op de spreiding daarvan.  Hierover schreven we vorig week uitvoering in het hoofdartikel van Grondig 9. Zie https://www.cumela.nl/grondig/het-gaat-de-praktijk-steeds-beter) Ook in de export van dikke fracties naar Frankrijk is dit effect duidelijk te zien meent Verkerk. “We zien namelijk dat het aantal geëxporteerde tonnen steeg, maar dat de hoeveelheid fosfaat is gedaald. Een belangrijk signaal dat door deze maatregel een belangrijke vorm van fraude onmogelijk is gemaakt.”

Ook in het nieuwe artikel wordt weer stemming gemaakt vindt Verkerk. “Het blijven anonieme bronnen die wat suggereren. Uit onafhankelijk onderzoek van sociaalpsychologisch adviesbureau Duwtje in opdracht van CUMELA Nederland blijkt echter dat het grootste deel van de intermediairs zich aan de regels wil houden en dat er een kleine groep is die bewust en grootschalig fraudeert.“

 

Veehouderij krimpen?

NRC suggereert in het artikel dat door de lagere export van mest een groter probleem ontstaat met een extra bijbehorend mestoverschot. Echter, de veestapel is door de fosfaatmaatregelen in de melkveehouderij al aan het krimpen stelt Verkerk vast. Het CBS maakte deze week bekend dat de melkveehouderij ruim onder het fosfaat plafond blijft. Het aantal koeien is 8 tot 10 procent minder dan twee jaar geleden. Naar schatting komt hierdoor ongeveer 6 miljoen kg fosfaat minder op de markt dan twee jaar geleden. Dit vangt de lagere export al voor een belangrijk deel op aldus de secretaris van de sectie meststoffendistributie. “Daarnaast zal de varkensstapel de komende jaren  verkleind worden door de warme sanering die daar op handen is.”

Krimpen zoals het OM suggereert vindt hij zeker niet de oplossing en absoluut niet passend bij het probleem dat het ministerie er niet in slaagt voldoende controle uit te voeren. “Om het begaan van snelheidsovertredingen (die het meest voorkomen op provinciale wegen) tegen te gaan, kiezen we er tenslotte ook niet voor om de N-wegen maar voor alle verkeer te sluiten.”

Actieplan in uitvoering

Verkerk is zeer te spreken over de manier waarop de verschillende partijen hebben samengewerkt in  het Plan van Aanpak “Samen werken in een eerlijke keten” zoals ze dat vorig jaar hebben opgesteld. “We hebben het afgelopen jaar zeer intensief samengewerkt aan het opstellen en uitvoeren van het plan. Naast het onderschrijven van integriteitsverklaringen door alle mestgerelateerde bestuurders, is intensief gewerkt aan het uitdragen van goede werkwijzen, het uitvoeren van de MestScan’s van CUMELA Advies bij tientallen bedrijven, het maken van een plan voor het opnemen van integer werken in de e-learning Bodem & Bemesting van de groene MBO’s, het ontwikkelen van de KeurMest-verklaring met bijbehorende website en de mediacampagne om ondernemers te bewegen zich hier ook te registeren.”

Afgelopen zomer is door de werkgroep al een tabel met bandbreedtes opgesteld met onder- en bovenwaarden van een aantal veel getransporteerde mestsoorten. Uit reacties blijkt volgens Verkerk dat hierover in de praktijk indringende gesprekken tussen partijen in de keten plaatsvindt. Ook worden er plannen uitgewerkt om de verantwoording van mestvervoer vergaand te digitaliseren.

Inmiddels werken acht werkgroepen van ondernemers uit de verschillende deelsectoren aan het opbouwen van een certificatiesysteem. Het opbouwen van zo’n systeem dat de hele mestketen moet borgen is een omvangrijke klus waarschuwt Verkerk, waarbij de ambitie om dat in één jaar (nl. van zomer 2018 tot zomer 2019) voor elkaar te maken, zeer hoog is. De investering die de vijf partijen (LTO Nederland, POV, CUMELA Nederland, TLN en Rabobank) voor de uitvoering van het plan hebben gedaan loopt hiermee in de tonnen.  

Op goede weg naar natuurlijk kringloop

Verkerk is verheugd om te zien dat het juist de mestintermediairs zijn die het voortouw nemen in het ondertekenen van de gedragscode op Keurmest.nl. “Negentig procent van de eerste 74 ondertekenaars behoort tot onze sector. Het bewijst dat de intermediairs en de gehele mestketen grote inspanning verrichtten om de kwade geur die rond mest hangt weg te nemen. Onze inzet is om van mest weer die waardevolle grondstof te maken waar boeren, in binnen- en buitenland, behoefte aan hebben om hun gewassen in een natuurlijke kringloop te laten groeien.”