Meer precisielandbouw in veehouderij

GPS, wisselende luchtdruk in de banden en slim bemesten, loonwerkers passen deze technieken in de akkerbouw al volop toe. In de melkveehouderij lijkt de precisielandbouw ook langzaam voet aan de grond te krijgen. De kwaliteit van grond wordt namelijk steeds belangrijker, letterlijk en figuurlijk, en anders is er wel wetgeving die aanstuurt op de inzet van meer techniek, zo bleek op het congres precisiebemesting in Gorinchem.

 

“De visie over kringlooplandbouw heeft grond op een podium gezet”, zegt Martin Scholten, algemeen directeur WUR Animal Science. De agrarische sector is in zijn ogen nog niet echt grondstof efficiënt. “Een derde wordt in de primaire sector verspild.” Hij noemt in die context kringloopgrondstoffen, maar stelt ook de vraag of groenbemesters onderploegen echt de beste methode is. “Om efficiënter te worden is er maar een manier”, zegt Scholten. “Ga uit van de bodem en wat die nodig heeft. Het gaat over de kwaliteit van organische stof en ene betere waterhuishouding.”

Scholten ziet in deze ontwikkeling iets wat de inzet van precisielandbouw gaat aanjagen. Ook in de melkveehouderij, denkt Wim de Hoop, van de KCGG (Knowledege Center for Green Growth). “Vooral de loonwerker is dan de aangewezen partij, omdat de investeringen te groot zijn voor een veehouder alleen”, zo noemt een medewerker van Yara.  De hoop verwacht dat de bodem ook om andere redenen meer van belang wordt. “Die bodem is nodig om CO2 vast te leggen, maar ook voor de waterberging.”

Financiële prikkel

FrieslandCampina heeft voor het bevorderen van duurzaam bodemgebruik, via de Toplijn Zuivel, al een financiële prikkel paraat, maar ook de Rabobank werkt daaraan via de bodemcoalitie met Vitens en a.s.r.. “Een betere bodem betekent een lager risicoprofiel, wat misschien straks kan resulteren in een lagere rente”, zegt Michiel Klompenhouwer, hoofd F&A sectormanagement en Innovatie Rabobank. Het gaat dan over het tegengaan van bodemverdichting en zorgen voor meer organische stof in de bodem.

Ook de opbrengst wordt steeds belangrijker. Dit doordat er in 2018 een norm voor grondgebondenheid geïntroduceerd is, die er van uitgaat dat in 2025 vijfenzestig procent van het eiwit wat aan de dieren gevoerd wordt van eigen land komt. Daarmee neemt het belang van de voederwinning toe.

Los van deze ontwikkelingen hangt ook nog de bemesting in de rij boven de markt, wat vanaf 2021 als gevolg van het zesde nitraatactieplan waarschijnlijk verplicht wordt in de teelt van maïs. “Alleen bij willekeurig gespreid maïszaaien mag dan nog vollegrondbemesting plaatsvinden.” Wie daar niet aan wil zal met GPS moeten gaan werken en dat is opnieuw een investering die bij de loonwerker terecht zal komen.

Investeren of niet?

De aanjagers voor de inzet van precisielandbouw zijn er, maar is de techniek al praktijkrijp? Daarover heeft Gijs van der Woerd, van loonbedrijf van der Woerd, zijn twijfels. Via bodempartners werken ze met een adviseur die informatie omzet in bijvoorbeeld een grafiek, waardoor opeens zichtbaar wordt wat de machines meten. Maar de belangstelling bij zijn klanten vindt hij nog minimaal. “De technieken voor precisielandbouw worden nog lang niet optimaal benut.” Hij gelooft er, ondanks dat er nog veel werk verricht moet worden, wel in en investeert in 2019 verder in NIR-sensoren.

Investeren in precisielandbouw blijft een gok, want garanties dat telers en veehouders ze willen en kunnen gebruiken zijn er niet. Toch zien de partijen die ermee bezig zijn hierin heel goede kansen, vooral vanwege de inzet op een circulaire landbouw, waarin verspilling zoveel mogelijk moet worden tegengegaan.

Om te helpen zijn er bijvoorbeeld POP3 subsidies die aanknopingspunten bieden om te investeren in technieken voor precisielandbouw. Herre Bartlema, van het Nederlands Centrum voor de ontwikkeling van Rijenbemesting (NCOR), hoort graag de nieuwe ideeën daarvoor. “Want er is nog 1,3 miljoen euro beschikbaar.” In Zuid-Holland is er de mogelijkheid om via het POP3-project precisiebemesting Zuid-Holland tegen een kleine vergoeding machines uit te proberen.

Bij de Rabobank gooien ze het over een andere boeg. Michiel Klompenhouwer, hoofd F&A sectormanagement en Innovatie Rabobank, ziet ook dat de kosten voor machines door nieuwe innovaties oplopen en zegt dat ze werken aan ‘pay for use’.  Daarover voeren we gesprekken met partijen in de landbouwmechanisatie. Het systeem houdt in dat de machine niet gekocht hoeft te worden, maar beschikbaar gesteld wordt.

Grond is de sleutel

De ontwikkeling die op het Congres Precisiebemesting naar voren komt is dat grond meer waard wordt. Zowel in de maatschappelijke context, omdat dit wordt gezien als de sleutel naar een oplossing van de waterproblemen en meer biodiversiteit. Maar ook in economische zin nu partijen zoals de Rabobank kijken naar financiële prikkels om een goede bodem te belonen.