Fraude is fout

Op korte termijn moet er een gedragsverandering komen in de mestketen onder het motto Fraude is fout. Dat staat in het Plan van Aanpak van de mestfraude dat minister Carola Schouten deze week naar de Kamer heeft gestuurd. De eerste actie is dat bedrijven in de gehele keten een gedragscode ondertekenen. 

  • Mestslangen.JPG

    Veehouders moeten straks zorgen voor mest met eerlijke gehaltes.

Het plan van aanpak is geschreven door LTO, POV, CUMELA,TLN en de Rabobank na een reeks publicaties in de pers over mestfraude. Als reactie verordonneerde minister Carola Schouten de sector om zelf te komen met maatregelen om fraude uit te bannen. Het plan is afgelopen maandag aangeboden aan de minister en die geeft nu aan in een brief aan de Tweede Kamer het te waarderen dat de verschillende partijen in korte tijd zijn gekomen met een wezenlijk plan dat fraude moet tegengaan.

Het plan dat nu is aangeboden (zie bijlage bij dit bericht)  bestaat uit vier onderdelen. Dit zijn verandering van cultuur, houding en gedrag, private borging in de keten, ondersteuning door technologie en tot slot samenwerking.  Op alle onderdelen zijn er acties beschreven die op korte, middellange of lange termijn uitgevoerd moeten worden. Om te  zorgen dat deze acties ook worden uitgevoerd zullen de partijen die deelnemen aan het plan elke drie maanden bij de minister verslag moeten doen.

Cultuuromslag

Basis van het hele plan is een ketenbrede verantwoordelijkheid waarbij elke partij een eigen certificering organiseert. Van mestleverancier via een sluitende mestboekhouding tot afnemers die laten zien dat ze verantwoord met mest omgaan. Uiteindelijk mogen partijen dan alleen zaken doen met gecertificeerde bedrijven. Bedrijven die zich niet houden aan de certificatie afspraken zullen worden uitgesloten en indien mogelijk geroyeerd. Omdat dit lange tijd duurt tot alle bedrijven zijn gecertificeerd, komen er eerst een aantal maatregelen om bedrijven op korte termijn aan te zetten tot gedragsverandering.

Het betekent dat alle partijen een campagne starten om de houding ten opzichte van fraude te veranderen. Het moet van fraude mag naar fraude is fout. Een eerste aanzet daarvoor is het opstellen van een gedragscode/verklaring waarin ondernemers vast leggen wat ze van zichzelf verwachten en eisen, maar dat ook doen voor hun leveranciers of afnemers.

Borging

In de tweede lijn, de private borging in de keten is een actie op korte termijn dat er een lijst komt van bandbreedtes in gehalten van mestsoorten. Doel hiervan is dat ondernemers zich niet kunnen verschuilen achter onwetendheid als een monster sterk afwijkt van het gemiddelde. Binnen korte termijn moeten veehouderijbedrijven ook een degelijke mineralenadministratie gaan voeren die mineralenstromen op een bedrijf zichtbaar maakt.

Ondersteuning door techniek

Om fraude sneller op te kunnen sporen wil de initiatiefgroep ook dat er aanpassingen komen in verschillende administratiepakketten. Zo moet het onmogelijk worden niet-realistische gehalten te kunnen gebruiken in een administratie. In dergelijke gevallen moet er direct een waarschuwing komen dat deze gehalten niet mogelijk zijn bij deze mestsoort. Om fouten snel te registreren moet de doorlooptijd van mestbonnen sterk worden verkort en moeten deze het liefst digitaal worden verwerkt.

Samenwerken

In het overleg hebben de veehouders aangegeven een nauwere band te willen tussen veehouder en mestverwerkingsketen. Dit ook met als doel dat de leveranciers van de mest zich meer bewust worden van de noodzaak om elkaar aan te kunnen aanspreken op de kwaliteit van het product.

Extra controle

De minister geeft in haar brief aan de Kamer aan, ook een bijdrage te willen leveren in het tegengaan van fraude door de regelgeving robuuster en minder ingewikkeld te maken. Bijvoorbeeld door het aantal uitzonderingen op bestaande regels zoveel mogelijk te schrappen.  Desondanks beseft ze dat de regelgeving nog erg complex is. Daarom zal ze komend voorjaar nog komen met voorstellen voor een vereenvoudiging van het stelsel.

Naast deze aanpassing van de regelgeving wil minister Schouten ook de handhaving verscherpen. Ze wil dat de NVWA veel meer in samenwerking met regionale partijen zoals Waterschappen, Provincies en Gemeenten toezicht gaat houden. Ze wil daarbij gericht gaan handhaven en dan met name in gebieden waar de waterkwaliteit achterblijft. Het is dus niet verwonderlijk dat dit traject in januari start in Oost-Brabant.

Voorzitter Jaap Uenk van de mestsectie van CUMELA Nederland is blij met het plan dat er nu ligt. “Onder druk is er nu door de hele keten samen gewerkt aan een plan voor aanpak van de mestfraude. Dat is belangrijk, want alleen als iedereen meedoet, krijgen we een eerlijk en gelijk speelveld in de keten.”  Het is voor hem nu zaak om samen met de leden vanuit CUMELA Nederland een goed certificeringssysteem op te zetten voor de sector. “Geen papieren tijger maar een instrument dat onze werkwijze borgt en staat voor kwaliteit.”

Aan de uitvoering hiervan en het opzetten van een degelijke administratie en faire werkwijze wordt op korte termijn begonnen. Bijvoorbeeld doordat bedrijven een mestscan laten uitvoeren waarbij de werkwijze binnen het bedrijf wordt beoordeeld. Maar ook door het opstellen van een gedragscode waarmee bedrijven zelf aangeven alleen op een eerlijke manier te willen werken. Veel werk dus aan de winkel komend jaar voor de organisaties, maar ook voor de bedrijven in de keten.