Forse daling in mestexport

Lagere gehaltes in de mest en een stroef lopende export hebben grote gevolgen voor de omvang van de mestexport over de eerste helft van 2018.  Het werkt door in de mestverwerkingsovereenkomsten en laat de kosten voor de afkoop van mestverwerking via Vervangende Verwerkingsovereenkomsten (VVO’s) sterk oplopen.

 

Uit het overzicht van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl) blijkt dat de totale mestexport van januari tot juli 2018 een daling laat zien van 13,3%. Het houdt in dat de export daalde van 1,84 miljoen ton mest over de eerste helft van 2017 tot 1,60 miljoen ton mest over de eerste helft van 2018. De export van het aantal kilogrammen fosfaat kwam zelfs uit op het laagste punt in vier jaar tijd.

Halvering in export rundveemest
De grootste tik krijgt de export van rundveemest, min 49,4%, gevolgd door mengmest/divers die in volume met 14,8% afnam. Vooral Duitsland nam fors minder mest af. Dit volume daalde met 27,2%. Daar tegenover staat een plus van 32,1% in de export op Frankrijk. Een grote stijging, maar onvoldoende om de verliezen in de export op Duitsland te compenseren. In feite vertegenwoordigt de extra afzet slechts 20% van de verloren afzet op Duitsland.

Wat ook uit de cijfers naar voren komt zijn lagere gehaltes in mest. Die liggen ruim onder de gehaltes die in dezelfde periode in 2017 gemeten werden. Toen hoefden de monsters nog niet door een onafhankelijke monsternemer genomen te worden. Zo gaat de rundveemest terug van gemiddeld 8,7 kilo fosfaat per ton, naar 5,3 kilo fosfaat per ton. Het fosfaatgehalte in varkensmest daalt van gemiddeld 8,2 kilo, naar 7,5 kilo fosfaat per ton en pluimveemest gaat terug naar een gemiddeld fosfaatgehalte van 20,3 kilo fosfaat per ton. Dit was 21,8 kilo fosfaat per ton.

Minder verwerking
Lagere gehaltes in de mest, in combinatie met een lager exportvolume, werken door in de overeenkomsten gekoppeld aan mestverwerking. Jaap Uenk, voorzitter van de sectie Meststoffendistributie bij CUMELA Nederland, becijfert dat de geregistreerde mestverwerkingsplicht (MVO en code 61) van januari tot en met juli 23% lager uitkomt ten opzichte van 2017. 

In totaal werd er over de eerste helft van 2018 ongeveer 200.000 kilo fosfaat vastgelegd in Vervangende Verwerkingsovereenkomsten (VVO’s). Vooral in de regio Zuid zijn er al veel meer VVO’s afgesloten dan in dezelfde periode in 2017. Toch beslaat het aandeel VVO’s maar “1% van de geregistreerde MVO’s en code 61”. De overige codes (71,72 en 73) laten maar minimale afnames zien in vergelijking met 2017.  

Oplopende kosten
Uenk concludeert dat door de lagere geregistreerde verwerkingsplicht de beschikbare hoeveelheid mestverwerkingscapaciteit voor het afsluiten van VVO’s naar verwachting ook geringer is. “Dit effect is in de praktijk al zichtbaar.” Uenk verwijst daarmee naar de oplopende kosten voor veehouders, die de verwerkingsplicht met VVO’s willen invullen.   

Geregistreerde verwerkingsplicht januari – juli 2018 per regio (in kg fosfaat)
Kg fosfaat Zuid Zuid Oost Oost Overig Overig
  Jan.-juli ‘18 t.o.v. 2017 Jan.-juli ‘18 t.o.v. 2017 Jan.-juli ‘18 t.o.v. 2017
MVO’s 392.700 -32% 79.720 -9% 3.877 -40%
Code 61 10.399.200 -25% 4.068.000 -20% 3.521.700 -22%
Totaal 10.791.900 -25% 4.147.720 -19% 3.525.577 -22%
             
VVO’s 105.209 221% 59.073 -55% 34.740 -28%
             
71, 72, 73 862.800 -1% 873.495 -6% 2.190.500 -9%
Bron: RVO.nl