Composteerders azen op extra mestruimte

Er zijn voldoende argumenten om meer ruimte te maken voor compost in de meststoffenregelgeving. Dat stelde de Branche Vereniging Organische Meststoffen (BVOR) in een pleidooi tijdens een rondetafelgesprek over plantgezondheid. Binnen het 6de Actieprogramma Nitraatrichtlijn zijn er mogelijkheden om de organische stofaanvoer beperkt te vergroten. Een gezonde bodem en een gezonde plant vormen de basis van het pleidooi. 

Er komt ruimte voor een (beperkte) aanvoer van organische stof in het nieuwe Actieprogramma Nitraatrichtlijn, maar de criteria daarvoor waren nog niet uitgewerkt. Onderzoekers van de WUR Open Teelten en NMI deden er onderzoek naar en kwamen met de volgende voorstellen voor organisch stofrijke meststoffen.  Zo kan voor de classificatie gekeken worden een hoge aanvoer van Effectieve Organische Stof (EOS) per kilo stikstof totaal en per kilo fosfaat. Een andere mogelijkheid is per kilo stikstof totaal per kilo fosfaat. Criteria die goed aansluiten bij compost. 

Meer compost uitrijden

"Het ligt daarbij voor de hand te starten met verruimde toepassingsmogelijkheden voor compost." De BVOR claimt dat compost de meest gunstige verhouding kent en het minste risico's op nutriëntenuitspoeling met zich meebrengt. 

Nu is het zo dat boeren in eerste instantie kiezen voor het invullen van de nutriëntenbehoefte met dierlijke mestsoorten die relatief weinig organische stof bevatten. "Voor het behoud en het vergroten van de weerbaarheid van de bodem en de gezondheid van gewassen is dit ongewenst: meer en betere organische stof is gewenst." Een gezonde bodem en een gezonde plant zouden het uitgangspunt moeten zijn, aldus de BVOR.